Samenwerkende overheden beste kans voor Zuid Limburgs warmtenet

De gemeenten Sittard-Geleen en Stein, Beek, Beekdaelen, Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, de Provincie Limburg en Enpuls Warmte Infra gaan samen verder onderzoek doen naar een publiek warmtenet. Hiermee is een belangrijke stap gezet in de ontwikkeling van een grootschalig warmtenet in Zuid-Limburg; het Warmtenet Zuid-Limburg.

Klimaatakkoord

Volgens het Klimaatakkoord moet Nederland in 2050 klimaatneutraal zijn. Meer dan 90% van de woningen en gebouwen wordt in Nederland nog met aardgas verwarmd. Om de doelstelling van 2050 te halen moet Nederland stapsgewijs van het aardgas af. Gemeenten hebben hierin de regierol. Een warmtenet is een goed alternatief voor aardgas.

Warmtenet Zuid-Limburg

“Bedrijven op het Chemelot-complex produceren zoveel restwarmte dat daarmee 25 tot 40 procent van de woningvoorraad in Zuid-Limburg kan worden verwarmd”, zegt wethouder Ivo Tillie (energietransitie) van de gemeente Sittard-Geleen. “In 2019 is alvast een verbinding gemaakt op het Chemelotterrein, waarop het Warmtenet Zuid-Limburg kan worden aangesloten, zodat straks tienduizenden woningen in Zuid-Limburg zonder aardgas kunnen worden verwarmd.”

Gefaseerde ontwikkeling Op 1 januari 2023 is het project Warmtenet Zuid-Limburg (WZL) van start gegaan om onderzoek te doen naar mogelijke samenwerkingsvormen en samenwerkingspartners voor de realisatie van een regionaal warmtenet. Deze eerste fase is nu afgerond. Uit de gesprekken en meerdere onderzoeken, blijkt dat een samenwerking tussen overheden en Enpuls Warmte Infra voor een Zuid-Limburgs warmtenet de beste kans geeft voor realisatie van het warmtenet.

In fase 2, die op 1 oktober is gestart, werken de tien gemeenten, Provincie Limburg en Enpuls Warmte Infra verder uit, hoe en onder welke voorwaarden de  samenwerking vorm kan krijgen. Uiteindelijk wordt in fase 3 uitgewerkt waar het eerste deel van het warmtenet kan starten. Onder voorbehoud, afhankelijk van verdere besluitvorming bij de samenwerkingspartners, kan met de aanleg van het eerste deel worden gestart in 2025.